E.M.G.-Onderzoek
E.M.G. is een afkorting voor elektromyografie en betekent letterlijk het weergeven van elektrische activiteit van de spieren. In de praktijk wordt zowel de activiteit van zenuwen als van spieren gemeten.
E.M.G. is een verzamelnaam voor een aantal verschillende onderzoekstechnieken. Deze technieken, die overigens niet op iedereen kunnen toegepast worden, kan men in drie groepen onderverdelen. Hieronder worden ze besproken.
Geleidingsonderzoek
Tijdens het geleidingsonderzoek wordt de functie van de zenuwen in uw armen en benen getest. Er wordt met name bepaald hoe snel de zenuwen hun werk doen. Zieke zenuwen zijn namelijk langzamer dan gezonde. Om dit te bereiken worden een aantal elektroden (metalen schijfjes, klemmetjes of plakkertjes) boven de spieren op uw huid bevestigd, of krijgt u een aantal elektrische schokjes. Deze elektrische prikkels geven veelal een schrikreactie in plaats van een pijnsensatie. Het is echter moeilijk om een precieze voorspelling te geven van wat u gaat voelen omdat iedereen anders op dit onderzoek reageert.
Het is voor een geleidingsonderzoek van belang dat de temperatuur van uw armen en benen hoog genoeg is. Bij een temperatuur onder 30ºC geleiden de zenuwen langzamer en zijn ze moeilijk van zieke zenuwen te onderscheiden. Indien uw handen en voeten koud blijken te zijn, worden ze vóór het onderzoek in warm water opgewarmd.
Naaldonderzoek
Bij een naaldonderzoek wordt met behulp van een fijne naald de elektrische activiteit in de spieren gemeten. De elektrische activiteit kunt u via een luidspreker horen. Omdat de meting zowel in ontspannen als in een aangespannen spier wordt verricht, zult u tijdens het onderzoek een aantal bewegingen moeten maken. Het naaldonderzoek wordt niet uitgevoerd bij personen die antistollingsmiddelen gebruiken. Indien u deze medicijnen gebruikt, moet u dit aan de arts melden.
Magnetische stimulatie (CMCT)
Tijdens een CMCT-onderzoek worden met behulp van magnetische schokken op het hoofd, die zenuwbanen in de hersenen gestimuleerd die de spieren bedienen. De magnetische schokken worden niet alleen op het hoofd, maar ook in de nek en onder de rug gegeven om zo uit te rekenen hoe snel de zenuwbanen in hersenen en ruggenmerg hun werk doen.
Een aantal elektroden worden in spieren aan uw handen en benen bevestigd, waarna met behulp van een ring die boven uw hoofd wordt gehouden, magnetische schokken worden toegediend. Deze schokken voelen anders aan dan elektrische. Vaak is er meer sprake van een schrikreactie dan van een pijnsensatie. Ook bij dit onderzoek is het moeilijk om een precieze voorspelling te geven van wat u gaat voelen omdat iedereen anders op dit onderzoek reageert.
Indien u een operatie aan het hoofd heeft ondergaan, epilepsie heeft of een pacemaker draagt, verzoeken wij u dit aan de arts te melden.
S.E.P.
Met oppervlakte-elektroden worden zenuwen in armen, benen of aangezicht gestimuleerd met kleine elektrische schokken. Deze worden met fijne pinnetjes opgevangen t.h.v. de hoofdhuid.
De resultaten
Het onderzoek wordt uitgevoerd door een specialist in de fysische geneeskunde en revalidatie. Hij zal de resultaten beoordelen en het verslag naar de aanvragende arts sturen, die u vervolgens over de uitslag zal informeren. U zal een voorlopig verslag diezelfde dag meekrijgen en het volledige verslag zal binnen de 3 dagen na het onderzoek naar de aanvrager worden verstuurd.
Voorbereiding en registratie
Er wordt bij de afdeling fysische geneeskunde een beperkte tijd voor elk onderzoek gereserveerd. Het is dus belangrijk dat u op tijd aanwezig bent. Het kan voorkomen dat uw handen en voeten vóór het onderzoek opgewarmd moeten worden. Daarom is het wenselijk om met koud weer eerder te komen. Indien u te laat bent, bestaat de kans dat het onderzoek niet meer kan uitgevoerd worden. Het is namelijk niet zo dat een onderzoek “nog even tussendoor” gedaan kan worden. Wij verzoeken u hier rekening mee te houden.
Alvorens u zich gaat aanmelden aan het secretariaat, bent u best om eerst eens langs te gaan op de opname om uw SIS-kaart te laten inlezen en een patiëntenkaartje te ontvangen.
Epidurale Infiltratie
Uw arts heeft u voorgesteld een behandeling door middel van de epidurale injecties te starten, omdat u reeds geruime tijd pijn heeft in de rug of nek die uitstraalt in het been of de arm. Deze pijn blijft aanhouden ondanks het feit dat u reeds verschillende pijnstillers genomen heeft. De onderzoeken tonen aan dat uw pijn ontstaat in de zenuwen die in het ruggenmerg ontspringen en vandaar vertakken naar uw been of arm.
Wat is een epidurale corticosteroïden injectie ?
Het is het inspuiten van een cortisone-achtig product in de epidurale ruimte. Dit is een ruimte tussen de ruggenwervel en het ruggenmerg.
Het corticosteroïd heeft een dubbele werking. In de eerste plaats neemt het de ontsteking weg en ten tweede heeft het ook een pijnstillende werking. Door het product in de epidurale ruimte in te spuiten, komt het in de onmiddellijke omgeving van de pijnlijke zenuw waar het zijn werking kan uitvoeren.
Wat zijn de resultaten ?
Er is in België en internationaal zeer veel ervaring met deze techniek. Patiënten met een gelijkaardige aandoening ondervinden over het algemeen een verbetering van de klachten na de eerste injectie. Door een tweede injectie toe te dienen wordt deze verbetering gestabiliseerd en zelfs nog vergroot. In sommige gevallen is een derde injectie nodig. Daar de pijn vermindert of verdwijnt kan u een progressief opgebouwd revalidatieproces aanvangen. Dit wil zeggen dat u door oefening een betere houding leert aannemen, en bepaalde bewegingen leert te vermijden zodat u gedurende een langere periode minder klachten heeft. Anderzijds zien wij patiënten die helemaal geen voordelen hebben bij een epidurale injectie. Soms kan de pijn zelfs verergeren. Het spreekt vanzelf dat indien uw pijn verergert na de eerste injectie, u geen tweede zal krijgen.
Hoe wordt een epidurale injectie uitgevoerd ?
Voor aanvang van de interventie, zal meestal een kleine canule in een ader geplaatst worden. U zal gevraagd worden om u zo te zetten dat uw ruggenwervels zo ver mogelijk uit elkaar staan. Er wordt een lokaal anestheticum in de huid en de onderliggende structuren ingespoten om het ongemak van het inbrengen van de naald te verminderen.
Eens het lokaal anestheticum werkt, wordt de epidurale naald in de epidurale ruimte ingebracht. De wervelstructuur wordt als een richting gebruikt en er worden eveneens andere technieken aangewend om er zeker van te zijn dat de naald op de juiste plaats zit. Wanneer de naald zich in de epidurale ruimte bevindt, zal de arts de oplossing inspuiten.
U kan gedurende een korte tijd naaldprikken voelen in uw been of arm. Indien de naald de beenderige structuur raakt, zal u plaatselijk kort een pijn voelen. U moet de arts al deze gewaarwordingen mededelen.
Na de injectie zal u een korte tijd in observatie gehouden worden. Nadien kan u naar huis en zal de anesthesist u de nodige instructies meedelen i.v.m beweging en mobilisatie na de infiltratie.
Wat zijn de risico’s van epidurale corticosteroïd injecties ?
Techniek gebonden :
Het is mogelijk dat tijdens het inbrengen van de naald het bot van de wervel geraakt wordt. Dit veroorzaakt een korte pijn. Indien de zenuw aangeraakt wordt zal u pijn in uw arm of been voelen. U meldt dit aan de arts die de naald lichtjes zal verplaatsen zodat hij er zeker van is dat de zenuw niet beschadigd wordt.
Indien het membraan dat het ruggenmerg omringt doorprikt wordt, kan u hoofdpijn ondervinden die enige tijd aanhoudt. Het is een typische hoofdpijn die het meest uitgesproken is bij rechtop zitten of staan en verdwijnt bij het plat liggen. In dit geval kan de procedure herhaald worden, maar deze keer om een kleine hoeveelheid bloed, dat van een ader afgenomen wordt in te spuiten.
Deze verwikkelingen komen echter zelden voor omdat de arts meerdere malen per dag epidurale injecties uitvoert (ook voor andere interventies).
Medicatie gebonden :
U krijgt een oplossing van een corticosteroïd en een lokaal anestheticum toegediend. Beide producten zijn erg veilig. Toch zijn, zoals met alle geneesmiddelen, bepaalde bijwerkingen beschreven. Deze zijn meestal van voorbijgaande aard. Het corticosteroïd kan occasioneel spierzwakte, hoofdpijn, een verminderd bijnierwerking veroorzaken. Bij beide producten kunnen allergische reacties optreden. Indien u dit in het verleden reeds zou ondervonden hebben, is het belangrijk dit aan uw arts te melden. Soms worden ook nog andere middelen toegediend om het effect van de infiltratie proberen te verhogen.
Welke zijn de alternatieve behandelingen ?
U kan uiteraard kiezen voor een andere behandeling: pijnstillers voorschrijven of een dosering ervan aanpassen. Natuurlijk is het ook belangrijk een goed uitgevoerd revalidatieprogramma te volgen. Indien geen verbetering van uw klachten bekomen wordt door pijnstillers, kinesitherapie, revalidatie of epidurale inspuitingen, kan voor sommige indicaties een heelkundige ingreep t.h.v. de wervelkolom voorgesteld worden.
Indien u beslist om de injectie niet te laten uitvoeren, dan zal uw arts alle alternatieven die voor u in aanmerking komen met u bespreken. Uw huisarts kan u eveneens raad geven. Aarzel niet hem hieromtrent te contacteren.
De informatie die u zopas gelezen heeft is bestemd om u een beter inzicht te geven in uw conditie en de behandelingsmogelijkheid, wat ook uw beslissing is, dit zal geen enkele invloed hebben op de kwaliteit van de zorgen die u zal ontvangen.